16.07.20256 min
Derde pakket fiscale maatregelen op komst
Terwijl het ontwerp van programmawet van 27 mei op 10 juli definitief werd goedgekeurd door het parlement en er een politiek akkoord werd bereikt over de meerwaardebelasting, heeft de regering op 3 juli een nieuw wetsontwerp "houdende diverse bepalingen" ingediend bij het federale parlement.
Dit wetsontwerp, dat uitvoering geeft aan het regeerakkoord, bevat onder meer een aantal fiscale maatregelen die een impact kunnen hebben op uw (roerend en onroerend) vermogen. In het licht van de budgettaire moeilijkheden waarmee België wordt geconfronteerd en de nood aan administratieve vereenvoudiging, zouden bijvoorbeeld een reeks fiscaal voordelige regimes (fiscale aftrekken, vrijstellingen, belastingverminderingen, etc.) worden afgeschaft of aangescherpt.
In dit artikel lichten we enkele belangrijke maatregelen verder toe.
Wijzigingen in de personenbelasting
Vastgoedfiscaliteit
Op heden bevat het wetboek van de inkomstenbelastingen nog een aantal federale fiscale voordelen voor onroerende goederen andere dan de "eigen woning" (bv. een tweede verblijf of een opbrengsteigendom). Door middel van het wetsontwerp beoogt de regering sommige van deze voordelen stop te zetten, en dit met ingang vanaf het aanslagjaar 2026 (inkomstenjaar 2025).
In het bijzonder wordt de zogenaamde gewone (federale) interestaftrek - dit is de aftrek van interesten op leningen/kredieten aangegaan om onroerende goederen andere dan de eigen woning te verwerven of te behouden - afgeschaft. Er wordt hierbij geen overgangsmaatregel voorzien: ook interesten op reeds lopende kredieten worden geviseerd en zullen niet meer in mindering kunnen worden gebracht.
Concreet betekent dit dat vanaf het aanslagjaar 2026 interesten betaald op een lening aangegaan voor het verwerven of behouden van onroerende goederen andere dan de eigen woning (bv. een tweede verblijf of opbrengsteigendom) niet meer in mindering kunnen worden gebracht van de belastbare onroerende inkomsten. Voor belastingplichtigen die voorheen wél van de interestaftrek konden genieten, betekent dit een toename van de belastingdruk op hun onroerende inkomsten. Die laatste worden, samen met de andere inkomsten (bv. beroepsinkomsten) belast tegen progressieve tarieven tot 50%.
Onderhoudsuitkeringen
België kent een regeling waarbij de schuldenaar (de onderhoudsplichtige) van een onderhoudsuitkering onder welbepaalde voorwaarden 80% van het betaalde bedrag mag aftrekken van zijn belastbaar inkomen. Tegelijkertijd wordt de genieter belast op 80% van het ontvangen bedrag.
Het wetsvoorstel voorziet in een geleidelijke verlaging van deze grens:
- Van 80% naar 70% voor onderhoudsuitkeringen betaald of toegekend vanaf 1 januari 2025 en die betrekking hebben op een belastbaar tijdperk eindigend na 30 december 2025;
- Vervolgens van 70% naar 60% voor onderhoudsuitkeringen betaald of toegekend vanaf 1 januari 2026;
- Uiteindelijk van 60% naar 50% voor onderhoudsuitkeringen betaald of toegekend vanaf 1 januari 2026.
Voor de genieter zullen de grenzen op eenzelfde wijze worden aangepast.
Daarnaast voorziet het voorstel in de volledige afschaffing van dit belastingvoordeel wanneer de genieter van de onderhoudsuitkering geen inwoner is van de Europese Economische Ruimte of van Zwitserland. Omgekeerd zal dergelijke onderhoudsuitkering in hoofde van de genieter niet langer belastbaar zijn in de belasting van niet-inwoners.
Giften
Giften ter waarde van minstens 40 euro geven momenteel recht op een belastingvermindering van 45%. Vanaf het aanslagjaar 2026 (inkomstenjaar 2025) zal het bedrag van de belastingvermindering worden beperkt tot 30%.
Wijzigingen in de vennootschapsbelasting
DBI-bevek
Een DBI-bevek vormt voor vennootschappen een fiscaal interessant alternatief voor een rechtstreekse belegging in individuele aandelen. Het fiscale voordeel bestaat erin dat de behaalde inkomsten - dividenden en meerwaarden - quasi volledig (in functie van het aandeel van de zogenaamde "goede inkomsten" binnen de DBI-bevek) zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting.
In het regeerakkoord werd door de Arizona-coalitie reeds te kennen gegeven dat het fiscaal voordeel van de DBI-bevek enigszins zou worden ingeperkt. Om hieraan tegemoet te komen, bevat het wetsontwerp twee belangrijke maatregelen.¹
- Enerzijds wijzigt het wetsontwerp de regels voor de verrekening van de roerende voorheffing die wordt ingehouden bij de uitkering van dividenden.
Op heden wordt bij dividenduitkering door een DBI-bevek roerende voorheffing van 30% ingehouden. Deze roerende voorheffing is in principe verrekenbaar en terugbetaalbaar via de vennootschapsbelasting. Voortaan zal deze verrekening enkel nog mogelijk zijn als de ontvangende vennootschap in het jaar van ontvangst een minimale bezoldiging toekent aan minstens één bedrijfsleider-natuurlijke persoon. Bezoldigingen betaald aan een bedrijfsleider-rechtspersoon (bv. managementvennootschap) worden niet in aanmerking genomen.
De minimale bedrijfsleidersbezoldiging bedraagt 45.000 euro. Bedraagt de bezoldiging minder dan 45.000 euro, dan moet deze bezoldiging minstens "gelijk zijn of hoger zijn dan het belastbaar inkomen van de vennootschap".
Concreet betekent dit bijvoorbeeld dat als de vennootschap een belastbaar resultaat van 150.000 € heeft, zij een (minimale) bezoldiging van 45.000 € moet toekennen. Als haar belastbaar resultaat daarentegen 25.000 € bedraagt, kan het bedrag van de bezoldiging beperkt blijven tot bijvoorbeeld 35.000 € (of zelfs € 25.000). Lijdt de vennootschap verlies, dan hoeft er zelfs geen bezoldiging te worden toegekend om te voldoen aan de voorwaarde voor de verrekening van de roerende voorheffing.
De toekenning van een bezoldiging aan de bedrijfsleider-natuurlijke persoon resulteert in de verplichting om sociale bijdragen (20,5%) en personenbelasting (progressieve tarieven tot max. 50%) te betalen op de ontvangen beroepsinkomsten.
Indien de roerende voorheffing niet kan worden verrekend, betekent dit dat het dividend effectief zal worden belast aan het tarief van 30%, wat hoger is dan het gewone tarief van de vennootschapsbelasting.
- Anderzijds voorziet het wetsontwerp in een afzonderlijke aanslag van 5% op (gerealiseerde) meerwaarden op aandelen van DBI-beveks.
De 5%-heffing is van toepassing op het deel van de meerwaarde dat is vrijgesteld van vennootschapsbelasting. In tegenstelling tot de nieuwe meerwaardebelasting op financiële activa in de personenbelasting, geldt er hier geen vrijstelling voor zogenaamde "historische meerwaarden".
Dat de afzonderlijke aanslag enkel geldt voor meerwaarden en niet voor dividenden, maakt dat de impact ervan in de praktijk eerder beperkt zal blijven. Wanneer een vennootschap haar aandelen in een DBI-bevek wenst te verkopen, dan is het in de regel het fonds (de DBI-bevek) zelf dat optreedt als koper; een verkoop aan een derde partij komt zelden voor, vermits DBI-beveks niet beursgenoteerd zijn. In dat geval - een verkoop aan het fonds zelf - is er sprake van een zogenaamde inkoop van eigen aandelen waarvan de opbrengst (voor fiscale doeleinden) niet kwalificeert als een meerwaarde, maar als een dividend (een inkoopbonus). Die kwalificatie sluit op haar beurt de toepassing van de afzonderlijke aanslag uit.
Noteer, tot slot, dat overeenkomstig het wetsontwerp beide maatregelen in werking treden vanaf het aanslagjaar 2026.
Wij wijzen erop dat de geanalyseerde tekst momenteel slechts betrekking heeft op een wetsontwerp dat werd ingediend bij het parlement. Het zal nog worden besproken tijdens parlementaire debatten en vervolgens worden onderworpen aan een stemming. Het gaat dus niet om een definitieve tekst. Uiteraard houden wij u op de hoogte van eventuele belangrijke wijzigingen in de uiteindelijke versie.
¹ Het toepassingsgebied van beide maatregelen is geenszins beperkt tot DBI-beveks. Worden onder meer ook geviseerd: vastgoedbevaks en gereglementeerde vastgoedvennootschappen, in de mate dat inkomsten uit deze vennootschappen (dividenden en meerwaarden) zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting.
blijf op de hoogteAbonneer u
Abonneer u op onze blog
Blijft u graag op de hoogte van het laatste financiële nieuws? Abonneer u op onze blog en ontvang onze nieuwe blogartikels meteen in uw mailbox.






