Monthly House View
13.05.20263 min
Azië: Het nieuwe normaal
Sinds de Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran op 28 februari 2026 verkeert het Midden-Oosten in een aanhoudend conflict. Ondanks voorzichtige tekenen van de-escalatie blijft de onzekerheid groot, wat zowel risico's als kansen creëert voor opkomende markten. In deze bijdrage belichten we de impact en kansen in Aziatische opkomende landen.
Van energieafhankelijkheid naar strategische autonomie
Azië is bijzonder kwetsbaar voor verstoringen in de energieaanvoer: 90% van de ruwe olie en 83% van het LNG die door de Straat van Hormuz gaan, zijn bestemd voor Azië. De gevolgen zijn direct voelbaar. Zo riepen de Filippijnen op 24 maart een nationale energienoodtoestand uit en pasten Vietnamese luchtvaartmaatschappijen hun schema's aan wegens brandstoftekorten. Hoge energieprijzen drukken op overheidsbegrotingen, stuwen de inflatie hoger en zetten de groei en de handelsbalansen onder druk.
Het streven naar zogeheten strategische autonomie wint aan belang. Om in de eigen energiebehoefte te kunnen voorzien diversifiëren Aziatische economieën hun energiebronnen, vergroten ze hun strategische reserves, investeren ze versneld in hernieuwbare energie en versterken ze de samenwerkingen in de regio. Dat is cruciaal om de structurele afhankelijkheid van onvoorspelbare aanvoerroutes te verminderen en de onderhandelingspositie op de mondiale energiemarkten te versterken.
Macro-economische risico's en domino-effecten
De economische impact van de hogere energieprijzen is aanzienlijk. Voor ASEAN geldt dat elke stijging van de olieprijs met 10 dollar per vat de inflatie met circa 1 procentpunt verhoogt en de bbp-groei met 0,7 procentpunt verlaagt. Met een Brent-prijs van 100 dollar per vat stijgt de inflatie in ASEAN-landen naar 4% en daalt de groei naar 3,2%, het laagste niveau sinds de coronapandemie. Bij een prijs van 150 dollar per vat dreigt de regio zelfs in een recessie te belanden.
De impact reikt evenwel verder dan energie alleen. Sectoren als vervoer, luchtvaart, scheepvaart, productie en logistiek kampen met stijgende kosten en onzekerheid in de keten. Ook de aanvoer van essentiële grondstoffen als meststoffen, zwavel, helium en aluminium komt onder druk te staan.
Beleidsmaatregelen: eerst begrotingsbeleid, daarna monetair beleid
Centrale banken in Azië vermijden vooralsnog ingrijpende renteverhogingen. Beleidsverschillen ontstaan door uiteenlopende inflatie- en wisselkoersontwikkelingen. Landen als Thailand en China hebben ruimte voor respectievelijk beleidsbehoud en versoepeling, terwijl andere landen alert zijn voor recente inflatiestijgingen. Overheden grijpen vooral naar begrotingsmaatregelen: accijnsverlagingen, prijsplafonds en het vrijgeven van strategische voorraden. Indien de crisis aanhoudt, kunnen verdere interventies zoals subsidies, rantsoenering en valutastabilisatie volgen. Positief is dat Aziatische economieën financieel sterker zijn dan tijdens de wereldwijde financiële crisis.
Impact voor beleggers: risico's en kansen
Het nieuwe normaal van hoge energieprijzen vraagt om een heroverweging van risico en rendement:
- Energieproducenten en hernieuwbare energie: Aziatische olie- en gasproducenten profiteren, terwijl hernieuwbare energie aantrekkelijker wordt.
- Energie-intensieve industrieën: Margedruk en mogelijk verlies aan concurrentievermogen.
- Vastrentende waarden: Hogere financieringskosten voor energie-importeurs.
- Valuta's: Exporteurs profiteren, importeurs staan onder druk.
- Alternatieve beleggingen: Toenemende vraag naar infrastructuur, schone technologie en digitale energieoplossingen.
Slotsom?
Het conflict in het Midden-Oosten onderstreept het belang van een doordachte beleggingsstrategie die voortaan ook rekening houdt met het veranderende Aziatische energielandschap.





